Afbeelding
Portret ... van ongewone waarnemingen op een ‘gewone’ coronadag cover

Portret ... van ongewone waarnemingen op een ‘gewone’ coronadag

Portret

Cruiseterminal verhuist naar museum

In de weekendkrant van zaterdag 4 februari 2023 werd mijn aandacht getrokken door een artikel met de titel ‘Voormalige cruiseterminal schittert bij Verbeke Foundation’. Het ging over de oude cruiseterminal, die tot vorig jaar op de Scheldekaaien stond. Nu is de Verbeke Foundation een museum in de Oost-Vlaamse gemeente Kemzeke en zou ik me wellicht moeten afvragen wat ze daar in godsnaam met dit gevaarte zullen aanvangen. Omdat ik tijdens de coronaperiode een bezoek bracht aan dit museum, vond ik de overbrenging vanzelfsprekend, want dit oord vol kunst ziet er totaal anders uit dan wat je doorgaans als museum bestempelt.

Ik ging er toen naartoe, omdat ik ergens gelezen had dat er een tijdelijke retrospectieve tentoonstelling van Szukalski kon bezocht worden. Vermits ik een groot bewonderaar ben van deze kunstenaar en ik de Verbeke Foundation niet kende, greep ik de kans aan om twee vliegen in één klap te slaan. Bovendien hadden mijn echtgenoot en ik een uitstap gepland naar Doel op een namiddag en leek het ons ideaal om de voormiddag op te vullen met een bezoek aan de Verbeke Foundation.

Een ware openbaring

Het werd een heel bijzondere ontdekking! Zonder dat we het wisten, hadden we onderweg al een stukje van de kunstwerken kunnen waarnemen tussen het groen langs de autosnelweg, want naast grote ruimten binnen het gebouw, beschikt het museum ook over een uitgestrekt natuurgebied. Overal, binnen en buiten, is alles volgestouwd met vooral moderne en hedendaagse kunst. Ons kwam het overweldigend over. Na een bezoek aan de tijdelijke tentoonstelling, keken we onze ogen uit op de werken van andere kunstenaars, sommigen ons bekend zoals bv. Panamarenko en Luc Tuymans, maar ook ontzettend veel werken van een heleboel anderen. Aan alle kanten werden we bestookt door kunstwerken (collages, assemblages, opgezette dieren, foto-installaties, bio-art, eco-art, doodskisten, industrieel erfgoed, ...), die we soms konden appreciëren en begrepen, maar soms ook niet. Het was zoveel en zo ontzettend uiteenlopend. Het leek ongeordend kriskras neergepoot, soms zelfs slordig, maar dat blijkt helemaal de bedoeling van de verzamelaar, Geert Verbeke, te zijn. Hij zegt het zelf als ‘De tentoonstellingsruimte wil geen oase zijn. Onze show is onaf, in beweging, ongepolijst, contradictorisch, slordig, complex, onharmonieus, levend en wars van monumentaliteit, zoals de wereld buiten de museummuren.

De natuur in

Na onze rondgang in het gebouw, stapten we via een serre, waar ook van alles te bewonderen was, de natuur in om opnieuw verrast te worden door de veelheid aan bizarre kunstwerken, zoals het schip van afval of de CasAnus (een endeldarm), waarin je zelfs kunt overnachten, maar ook paarden en olifanten kwamen op onze weg. Het natuurgebied is heel uitgestrekt en we hebben er maar een stukje van gezien, omdat het door sneeuw die gesmolten was soms glibberig aandeed. Ik kan gerust zeggen dat het een ochtend vol verbazing was, verwondering en bewondering, soms ook van afkeer en onbegrip. Eén ding was zeker al beslist toen we het museum verlieten: hier komen we nog eens naartoe. Dan trekken we er een volledige dag voor uit, zodat we (dan toch al wat voorbereid op dit onverwachte) alles zowel binnen als buiten nog eens op ons kunnen laten afkomen.

Een nieuwe bestemming: Doel

Omdat wegens corona de cafetaria in het museum gesloten was, reden we daarna direct verder naar Doel en aten we onze lunch op in de auto. Geparkeerd tegenover een huis volledig omgeven door prikkeldraad, zaten we opeens in een totaal andere sfeer. Een sfeer van kilte, angst, verlatenheid, droefenis ook. Mijn voornaamste beweegreden om ernaartoe te gaan was foto’s te maken, want een reportage op televisie had me laten aanvoelen dat het daar een ideale plaats was om mooie beelden te maken. Dat was het ook, maar het was meer dan dat. Het was ‘stilte‘, ‘leegte’ ‘troosteloosheid‘, ‘vergane glorie‘, ‘eenzaamheid‘, ... Vooral de stilte viel ons op. Het was een fel contrast met het bezoek aan het museum, niet dat daar veel lawaai was, maar het gonsde er van de creativiteit. Hoewel graffitikunstenaars hun best hadden gedaan zoveel mogelijk alles vol kleur te spuiten, overheerste toch vooral, mede daardoor ook eigenlijk, de troosteloosheid. Het bordje voor het venster met ‘dit huis is bewoond’ maakte het nog zwaarmoediger. We hebben er een tijdje rondgewandeld en stelden vast dat de kerk er nog helemaal ongeschonden uitzag. We zagen de school, waar het vroeger één en al leven moet geweest zijn en die nu alleen maar een lege aanblik bood en we zagen het volledig vervallen benzinestation. Hoeveel mensen hebben daar hun leven geleid? Hoeveel verhalen zouden zij kunnen vertellen? Hoe graag zouden ze in dit kleine dorp gewoond hebben? Hoe moeilijk moet het geweest zijn om alles achter je te laten?

Overmand door deze overpeinzingen, verlieten we dit ‘spookdorp’.

Het was een vreemde dag en onderweg naar huis waren we het er beiden over eens: het was een dag met heel wat ongewone waarnemingen op een nochtans ‘gewone’ coronadag.

Tekst en foto’s: A. Poelmans