Boekenfoyer cover
Boekenfoyer cover

Boekenfoyer

Boekenfoyerabc

‘Verloren’ is het verhaal van de jonge Joodse vrouw Liesje Andriesse en haar zoontje Johnny, een kleine jongen in een grote oorlog. Ingrid Vander Veken schreef een ontroerend relaas over hun vreselijke lotsbestemming. Een boek waar de auteur nog zeer onder de indruk van is.

Verloren - Ingrid Vander Veken

Dag Ingrid, de vier jaar durende vlucht voor nazigeweld van Liesje en haar zoon eindigt in Auschwitz. Jij kreeg haar nagelaten oorlogsbrieven in handen.
Het is natuurlijk de briefwisseling van Liesje waarmee het allemaal begonnen is: de brieven tussen haar en haar familie tussen 1940 en 1942. Ze is gestorven in Auschwitz in 1944, maar de correspondentie stopt in ‘42. Zij is met die hele correspondentie begonnen toen ze een eerste keer probeerde te vluchten, maar bij de Franse grens werd teruggestuurd naar Antwerpen. De reden: haar man was stateloos, haar kind was stateloos en zij dus ook, ze kon niet doorvluchten. Eens weer in Antwerpen is ze beginnen te schrijven, in de hoop meer te weten te komen over haar familie die gaandeweg uitzwermde naar Engeland, Frankrijk, Spanje en Portugal, maar ook naar Amerika, waar een oom in New York belandde. Haar ouders en haar broer waren op de vlucht voor nazikampen en kwamen in Nederlands Indië terecht in Jappenkampen. Liesje is in heel die briefwisseling de spil.

Afscheid nemen kan pakkend zijn, geen afscheid kunnen nemen eveneens. Was afscheid een aanleiding om te gaan schrijven?
Het is niet zo dat dat me hier getriggerd heeft, wel dat aan de briefwisseling die ik gevonden heb het meest denkbare hartverscheurende afscheid voorafging, namelijk toen Liesje met haar familie meteen na de eerste bommen op Deurne vluchtte naar de Westhoek, richting Frankrijk, om dan te kunnen doorvluchten. Ze deed dat met haar ouders, haar broer, haar man en haar zoontje van 2,5. Bij de Franse grens zijn ze gestopt. Ik ben ook naar die grens gegaan. Alles loopt er door, het kanaal loopt door, het gras loopt door, de hemel loopt door, maar dat is voor iedereen niet zo op dat moment. Toen hebben ze moeten beslissen wat doen we? Gaan we met Liesje en haar zoontje en haar man terug naar Antwerpen, of vluchten wij verder? Die ouders hadden natuurlijk nog een zoon die ook een toekomst moest hebben. Zo werd de familie voor het eerst uit elkaar gerukt.

Je leerde mensen kennen waarvan je geen benul had dat zij weer mensen kenden die dan weer anderen kenden, die je dichter bij jouw doel zouden brengen.
Er is aan dit verhaal enorm veel research te pas gekomen, omdat ik die mensen niet kende, die hele familiepuzzel moest in elkaar geschoven worden. Eens zover, moest ik beginnen uit te zoeken wat er juist gebeurd was op alle plaatsen waar de uitgewaaierde familie terecht was gekomen. Wat er met Liesje was gebeurd ook. Wie was er nog overgebleven, zou er nog iemand mij iets kunnen vertellen over haar en haar familie? De meeste getuigen waren overleden. Uiteindelijk heb ik nog één man gevonden die Liesje als jongetje moet gekend hebben voor de oorlog, hij had haar broer als knaapje met zijn ouders zien terugkomen uit Indonesië, waar ze in Jappenkampen hadden gezeten. De man woonde in Bloemendaal, maar hij was al zeer oud en ziek en verbleef in een home. Ik heb getelefoneerd, het was corona, de archieven waren dicht. Ik kon ook niet reizen om mensen te ontmoeten en toen corona ging liggen en ik naar Bloemendaal kon om te praten, was de man even daarvoor overleden. Daar ging mijn laatste getuige. Ik heb dan gesproken met zijn vrouw en zijn dochter. Het was geen eenvoudige klus om dat verloren levensverhaal weer bij elkaar te vinden.

Een ontroerend kaartje van Liesje waarin haar gemis duidelijk voelbaar is, luidt als volgt ...
Dinsdag 25 juli 1940
Lieve tante Rosa, u kunt zich niet voorstellen hoe blij ik was toen ik zojuist uw kaart in moeders bus vond. Eindelijk weer eens een bekend handschrift. Ik schreef U ook nu ongeveer een maand geleden, dus dat schijnt ook niet te zijn doorgekomen. Wij – Pinkus, Johnny en ik – zijn alweer vijf weken thuis, samen met mijn jongste schoonzuster en haar man. Vader, moeder en Lou zijn ergens in Frankrijk, ik weet niet waar. U kunt zich voorstellen hoe het mij te moede is

Mensen die elkaar missen, die blijven hopen. Hoe zou je Liesje Andriesse omschrijven?
Liesje Andriesse was eigenlijk een heel gewone vrouw, afkomstig uit een iets minder gewone, grote, zeer welstellende Nederlandse familie. Ze waren afkomstig uit Vlissingen en ingetrouwd bij de eigenaars van van den Bergh margarinefabrieken, voorlopers van het latere Unilever, om je maar een beeld te geven hoe rijk die familie wel was. Ze zijn naar Antwerpen gekomen, haar vader deed dispatching in een depot van die fabriek in Brussel. Zij was toen vijftien, had natuurlijk wel een goede opvoeding gekregen. Liesje was een prachtige, zeer mooie vrouw en ik denk dat haar vader een zeer mooie toekomst voor zijn kinderen voor ogen had, niet die die ze gekregen hebben. In plaats van een goed huwelijk te sluiten, trouwde ze met een stateloze Pool, wat haar uiteindelijk zeer zuur zou opbreken, omdat dat het begin was, de reden waarom ze niet kon vluchten. Als ze dat had kunnen doen, dan had het verhaal een ander einde gekend. Het was een heel hechte familie, Liesje noemt ze ook mijn schattekes. Ze is dol op haar ouders, ze is dol op haar broer, ze is ontroostbaar, omdat ze van elkaar gescheiden worden en het enige wat almaar terugkomt in al die brieven is: ik hoop dat we elkaar terug zullen zien. Ze stuurt ook foto’s van haar zoontje, zodat ze hem kunnen zien opgroeien en hem zullen herkennen als ze terugkomen. Dat is hartbrekend, ze beschrijft dat kind in haar brieven. Ze is een ongelooflijk toegewijde moeder. Dat zoontje, de kleine Johnny, heette in feite Jean, maar ze waren een zeer vooruitstrevende Joodse familie. Johnny is haar oogappel, ze heeft alles voor hem over. Als je dan weet dat finaal zij is omgekomen samen met haar kind dat ze koste wat het kost zou beschermd hebben, besef je hoe verschrikkelijk dat moet geweest zijn.

Het is een verhaal dat moet verteld worden en jij deed dat met verve. Aan de hand ervan kunnen mensen herinneringen oproepen, sferen van vroeger, waarbij ze opnieuw kunnen stilstaan. Voor anderen kan het gewoon heel leerzaam zijn om je boek te lezen.
Ik hoop dat het voor velen niet alleen een stuk geschiedenis en een heel persoonlijk verhaal tot leven brengt, maar ook dat het doet nadenken over nu. Ik zou het heel fijn vinden, mocht het door jonge mensen gelezen worden, ik wil er ook over gaan praten in scholen of zo. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we dit niet laten verloren gaan. Ik heb ooit gezegd: wat is schrijven anders dan bewaren, ik denk dat het met dit boek zeer, zeer waar is.

Dank voor dit gesprek, Ingrid, veel succes gewenst met jouw boek!

Liesje Andriesse en haar zoontje Johnny: hun einde zette zich in door verraad in de Pyreneeën, en voltrok zich in Auschwitz. Te veel willen we er niet meer over vertellen, het is aan de lezer om dit adembenemende meesterwerk te ontdekken. ‘Verloren’ van Ingrid Vander Veken zal ons bijblijven.

Roland Bergeys

Verloren - Ingrid Vander Veken - Uitgeverij Vrijdag - paperback - 280 blz. - ISBN: 9789464341614

Afbeelding